Carnaval! Geen idee waar het vandaan komt eerlijk gezegd, maar in Latijns-Amerika kan je er moeilijk omheen. Van de jolige optredens tijdens conmadres in de Boliviaanse wijnstreek Tarija tot de emmers water en kleverige spray die we over ons heen kregen in Cusco, Peru: we kwamen, zagen en ondergingen.
Bolivia? Peru?! Inderdaad, zoals gezegd zijn we in sneltempo terug naar het échte Latijns-Amerika gegaan. Ons vooropgesteld doel, in één week tot in Colombia geraken, hebben we na een paar dagen deemoedig opgegeven. Het heeft geen zin je hier te haasten en zelfs al zou je dat willen, het continent zélf heeft er geen zin in. Tranquilo, zeggen ze hier, en wij laten ons gewillig leiden door deze uitstekend bedachte levensleus. Niettemin hebben we heel wat opgestoken sinds onze vorige blog. Specialiteit van de maand: de Inca's!
Persoonlijk vinden we het een beetje harig om je diep in een oude cultuur te verdiepen en je daarna een halve inboorling te gaan voelen, maar die Inca's konden zonder veel moeite onze aandacht opwekken. Dat deden ze meer precies door zo'n 500 jaar geleden drie kinderen dronken te voeren en levend in de top van de Argentijnse berg Llullaillaco te begraven. Wij passeerden opnieuw via Salta naar Bolivia en maakten van enkele dode uren gebruik om naar een van de mummies te gaan kijken. Een zeer vreemde ervaring: de huid van dit 15-jarig meisje was perfect geconserveerd en door haar zittende houding en vredige gelaatsuitdrukking zag ze er, zoals de Inca's zelf ook dachten, helemaal niet dood uit. Het offer dat via deze kinderen werd gebracht, had vermoedelijk weinig te maken met het gunstig stemmen van de aarde of de wind. Waarschijnlijk was het bestemd om een of andere grote gebeurtenis te vieren, zoals de geboorte of dood van een belangrijk persoon. Rare jongens, die Inca's.
Luguber of niet, onze ontmoeting met La Doncella leidde zonder veel omwegen naar Cusco, de Peruaanse stad in de vorm van een poema die jarenlang het centrum van het Incarijk was. Bijna was de geschiedenis heel anders verlopen: een opstandig bergvolk (de Chanka) bereikte ten tijde van de 8e Inca de grens van Cusco en stond op het punt de stad over te nemen. Dit had het einde betekend van het Incarijk, ware het niet dat de stenen waarmee Cusco gebouwd was, in strijders veranderden en samen met de Inca's hun belagers overwonnen. Enfin, dat beweert men hier toch. De daaropvolgende periode werd gekenmerkt door een enorm expansionisme, dat niet bepaald geweldloos verliep. Wanneer de Spanjaarden de Nieuwe wereld zouden bereiken, omvatte het Incarijk het hele gebied vanaf de huidige grens tussen Ecuador en Colombia tot het noorden van Chili. Het land is uiteindelijk ten onder gegaan aan een broedertwist over de opvolging, die handig is uitgebuit door de conquistadores.
Cusco is ook de uitvalsbasis voor een bezoek aan de legendarische ruïnes van Machu Picchu. Aan deze in 1911 (!) ontdekte Incastad kleeft meer mysterie dan honing aan een berenpoot. Volgens sommige geleerden, waaronder ontdekker Hiram Bingham, was het een klooster vol mooie Incamaagden, die daar werden getraind om de toekomst te voorspellen. Anderen, al even verstandig, beweren dat het gebouwd was als controlecentrum voor de overwonnen gebieden. Of het was een soort society club voor de rijke klasse, dat kan ook. In alle geval, zowel de steile klim naar de ruïnes als de 'verlaten stad' zelf, baadt in een heerlijk wazige sfeer die een bezoek onvergetelijk maakt.
Onze Europese broeders hebben het niet slim aangepakt. Alles waarvan de Spanjaarden hadden kunnen leren, op vlak van astronomie, geneeskunde, landbouw... werd als 'des duivels' beschouwd en volkomen genegeerd. Het goud en zilver dat quasi tot in het oneindige aanwezig was, werd naar Europa verscheept en daar verspild. Deze politiek betekende, ironisch genoeg, uiteindelijk het bankroet van het Spaanse rijk. Hadden ze wat meer nagedacht, ze hadden een emperium kunnen uitbouwen zonder voorgaande.
vrijdag 8 februari 2008
Abonneren op:
Posts (Atom)